Wat is wijsheid?
Onlangs had ik een bespreking met een weduwe en samen namen we het testament van haar overleden echtgenoot door. Er was gelukkig sprake van een langstlevende-regeling waardoor zij de erfdelen van de kinderen nog niet hoefde uit te keren. Dat hoeft pas bij haar eigen overlijden of wanneer zij blijvend naar een zorginstelling zou verhuizen.
Het testament gaf haar wel een keuze. De erfdelen van de kinderen konden renteloos schuldig worden gebleven, maar er kon ook rente over worden berekend.
Wat is eigenlijk het verschil? En wat betekent vruchtgebruik precies?
Bij renteloos schuldig blijven heeft de langstlevende het vruchtgebruik. Bij vruchtgebruik wordt dus geen rente bijgeschreven. De langstlevende mag zelf de opbrengsten – de ‘vruchten’ – van het vermogen gebruiken. Voor de erfbelasting wordt dat vruchtgebruik berekend aan de hand van de leeftijd van de langstlevende en een vaste rekenrente van 6%.
Dat kan fiscaal aantrekkelijk zijn. De kinderen betalen namelijk erfbelasting over hun erfdeel, verminderd met de waarde van het vruchtgebruik. Zij krijgen als het ware de ‘blote eigendom’. Daardoor betalen zij direct minder belasting. Het voordeel staat bovendien meteen vast, ongeacht hoe lang de langstlevende nog leeft.
Een voorbeeld maakt dat duidelijk. Stel dat het erfdeel van een kind € 100.000 bedraagt. Is de langstlevende 76 jaar, dan wordt het vruchtgebruik volgens de fiscale tabellen gewaardeerd op €30.000. Dat (extra) bedrag voor de langstlevende valt vrijwel altijd binnen de vrijstelling erfbelasting die de langstlevende heeft. Het kind betaalt dan slechts erfbelasting over €70.000. Wanneer de langstlevende later overlijdt, ontvangt het kind -zonder extra belasting- de volledige €100.000.
Kiest men voor rente, dan werkt het anders. Het erfdeel van het kind wordt direct voor de volle nominale waarde belast, dus over €100.000. Daarna groeit het bedrag jaarlijks doordat de rente wordt bijgeschreven. Die rente hoeft gedurende het leven van de langstlevende niet daadwerkelijk te worden betaald. Bij het overlijden van de langstlevende wordt het erfdeel, inclusief de opgebouwde rente, als schuld in mindering gebracht op de nalatenschap. Hoe langer de langstlevende leeft, hoe groter de vordering van het kind en daarmee het voordeel kan worden.
Tegelijkertijd kleven er onzekerheden aan deze optie. Niemand weet hoe lang iemand leeft. Het is lastig vooraf inschatten of de hogere erfbelasting zal worden “terugverdiend”. Bovendien kent de erfbelasting een anti-misbruikregeling. Die kijkt achteraf of een afgesproken rente niet te hoog was. Indien dat wel het geval is, dan is de te hoge rente alsnog belast. Daarnaast groeit de schuld aan de kinderen op papier elk jaar. Niet iedereen voelt zich daar prettig bij.
Er bestaat geen goed of fout antwoord. Het is altijd een persoonlijke keuze. Wie vooral waarde hecht aan eenvoud en directe belastingbesparing, komt vaak uit bij renteloos schuldig blijven (vruchtgebruik). Wie mikt op een mogelijk groter fiscaal voordeel op de lange termijn, kan rente overwegen.
Voor de weduwe gaf de doorslag uiteindelijk de zekerheid op korte termijn. Zij koos voor vruchtgebruik. Met die beslissing kon ze met een gerust gevoel weer naar huis.