
Christ van de Kar bergt zijn stethoscoop op
AlgemeenWOUW - Hij was 54 jaar huisarts, hielp ruim 1000 baby’s op de wereld en bracht vele tienduizenden huisbezoeken. Christ van de Kar (81) stopt op 1 januari als huisarts in het dorp Wouw.
Niet dat het dorp op die datum het zonder ‘dokter Van de Kar’ moet doen, want zijn zoon Willem werkt al vijftien jaar met hem samen in de praktijk aan de Roosendaalsestraat. Dat gaat wel veranderen, want vanaf 1 januari moeten de patiënten naar het nieuwe gezondheidscentrum ‘De Rotselaer’ aan de Kloosterstraat. Christ van de Kar blijft wel aan de praktijk van zijn zoon verbonden als waarnemer, maar hij gaat geen spreekuren meer doen.
Doktersfamilie
Christ van de Kar werd 81 jaar geleden in Prinsenbeek geboren als zoon van dokter Van de Kar. Hij was de jongste van 13 kinderen en ook zijn opa was huisarts in Steenbergen. “Ome Jan was huisarts in Hoogerheide, ome Harry in Steenbergen. Mijn oudste broer Jan werd huisarts in Zevenbergschen Hoek en mijn jongste broer Wim volgde vader op in Prinsenbeek”, zegt Christ van de Kar, terwijl hij aan zijn bureau in de spreekkamer zit waar hij 54 jaar spreekuur hield. De groene kaart waar de gegevens van patiënten op genoteerd werden op het bureaublad. Met computers kan hij niet overweg en dat is één van de redenen dat hij met zijn werk als huisarts stopt.
Op zijn elfde jaar werd hij naar een kostschool in Sittard gestuurd: het Bisschoppelijk college en op zijn zeventiende vertrok hij naar de universiteit in Utrecht. “Daar word je wel zelfstandig van. Ik wist toen al dat ik arts wilde worden en ben nooit van plan geweest om een andere richting te kiezen.”
Moeilijk op een praktijk te vinden
Nadat hij was afgestudeerd was het niet zo gemakkelijk om een eigen praktijk te vinden. Huisarts Jan de Vet wees hem op de praktijk van dokter Voermans in Wouw die vrij zou komen. “We maakten een afspraak en op die dag was het spiegelglad en moesten we vanuit Zeeland naar Wouw komen. We overleefden die glijpartij, het klikte meteen en per 1 januari 1969 kon ik aan de slag. Op 6 januari moest ik mijn eerste bevalling doen en dokter Voermans was nog zenuwachtiger dan ik, ook al was hij er niet bij. Het leverde geen problemen op, want ik had natuurlijk tijdens mijn studie de nodige ervaring opgedaan”, vertelt de vertrekkende dokter. Na die eerste bevalling volgden er nog ruim 1000, want Wouw had in die tijd geen eigen verloskundige. Toen die er kwam was het gedaan met het assisteren bij bevallingen. Voor Christ van de Kar waren bevallingen altijd leuk, want dat resulteerde in blije ouders.
Bij huisarts Voermans deed hij veel praktische ervaring op en twee jaar later kon het echtpaar ook intrekken in het grote doktershuis dat dokter Van Aerssen in 1905 had laten bouwen.
Geluk
“Ik ben dankbaar voor alle patiënten die vertrouwen in mij hadden. Dat voelt aan als geluk, want op die manier heb je er iets moois van gemaakt. Ik wil al die mensen graag bedanken. Dat geluk stond altijd aan mijn zijde: een fijn gezin, veel vrienden en in de praktijk een goede assistentie. Vijftig jaar lang was Ina Schoonen actief en José Tirions 25 jaar.
“Een verschil met vroeger is dat er in 1969 nog maar één assistente was en voor de hele gemeente één wijkzuster. Dat was zuster Willibrorda. Als wij op zondag naar de kerk gingen kwam zij op onze kinderen passen. En dan was er nog Adriana Goosen de kraamhulp. Ook van haar een leuke anekdote. Ik moest naar een bevalling, maar zat net te eten. Belde ze op: “Eet maar rustig af, want de baby is er al!”
“Geluk stond altijd aan mijn zijde: een fijn gezin, veel vrienden en in de praktijk een goede assistentie”
Relativeren
Christ van de Kar is iemand die goed kan relativeren. “Je moet ook humor hebben en het plezier van iets inzien. Hoe gemakkelijk kan iets zijn!”, zegt hij. Dat moet ook wel met een praktijk met 3500 patiënten.
“Vroeger moest ik veel meer visites rijden, want veel mensen hadden nog geen auto of ander vervoer. Ik heb dat lang op de motor gedaan. Je was 24 uur paraat. Ik heb wel eens op de tennisbaan gestaan dat iemand belde en ik de partij af moest breken.” En natuurlijk stond de Wouwse huisarts ook wel eens vast in de modder als hij naar een achteraf gelegen boerderij moest. Maar behulpzame boeren met een trekker waren er gelukkig altijd.
Vervelende dingen waren er natuurlijk ook en dat waren vooral verkeersongelukken. Zo heeft Christ van de Kar nare herinneringen aan een ongeval bij de Wouwse Tol waar vroeger de weg van een vierbaansweg in een tweebaansweg overging. Een jonge automobiliste op weg naar een huwelijksfeest had dit niet in de gaten en botste op een tegenligger met als gevolg zeven overledenen.
Verwijzen
Het aantal verwijzingen naar specialisten in het ziekenhuis was ook een stuk minder vroeger. “Er waren maar twee specialisten destijds dokter Suren en dokter Offerhaus. Dat was ook de tijd dat we aan huis nog de apotheek hadden. Dat veranderde pas toen Nol Willems een apotheek op de Markt begon. Mijn voorganger, dokter Voermans, trok zelfs nog tanden en kiezen bij patiënten. Die spullen heb ik nog steeds hier”, zegt de vertrekkende dokter, terwijl hij op een kast wijst waarin ook oude geneesmiddelen en modellen van gewichten staan opgesteld.
Met de verhuizing naar het gezondheidscentrum, stopt hij ook met spreekuren. Het laatste was op donderdag 28 december. Maar hij blijft nog wel verbonden aan de praktijk van zijn zoon. “Ik word een soort ‘vliegende kiep’”, besluit hij.
Van een afscheid in de vorm van een receptie voor patiënten wil Christ van de Kar nog niet weten, want hij voelt zich nog steeds betrokken bij de praktijk. “Ik wil wel alle mensen bedanken voor het vertrouwen dat ze altijd in mij gehad hebben!”













