
Een nachtelijke bezoeker in de tuin
AlgemeenROOSENDAAL - REGIO - Als je de kop ‘Een nachtelijke bezoeker in de tuin’ snel leest dan denkt menig lezer aan een insluiper of inbreker. Maar dat is gelukkig niet het geval. Het gaat deze keer over de (wettelijk beschermde!) egels die, veelal onopgemerkt door de bewoners, tijdens uren van duisternis in veel Nederlandse en Belgische tuinen rondscharrelen op zoek naar voedsel, water of een verstopplaats. Maar regelmatig zie je de egel ook overdag. Dan meestal dood langs de weg (in de straatgoot of berm), aangereden door het voorbijrazende verkeer.
Niet vreemd want op gevaar reageert een egel door zich op te bollen. Alleen met een beetje geluk wordt de egel tijdens het oversteken niet verwond of gedood. Eerst even iets over de soort.
Egels zijn fascinerende, prehistorische zoogdieren die al miljoenen jaren bijna onveranderd op onze aarde rondlopen. Ze staan natuurlijk bekend om hun stekels, maar er valt nog veel meer te vertellen over hun familie en bijzondere leefwijze. Egels behoren tot de familie Egels en haaregels en de orde van de insecteneters, waar ook spitsmuizen en mollen onder vallen. Binnen de egelfamilie zijn er twee hoofdgroepen:
- Stekelegels: Dit is de groep die wij allemaal kennen. Wereldwijd zijn er zo’n 17 soorten stekelegels verspreid over Europa, Azië en Afrika. In Nederland en België komen we steevast de West-Europese egel tegen. Dan spreken we over meer dan twee miljoen egels!
- Haaregels: Deze neefjes en nichtjes leven voornamelijk in Zuidoost-Azië. Ze hebben geen stekels, maar een zachte of stugge vacht en lijken uiterlijk meer op een grote rat of spitsmuis.
Stekels
Een volwassen egel heeft maar liefst 5.000 tot 7.000 stekels. Deze stekels zijn eigenlijk holle, gemodificeerde haren die gemaakt zijn van keratine (hetzelfde materiaal als onze nagels). Wanneer een egel zich bedreigd voelt, rolt hij zich met behulp van een sterke kringspier op tot een nagenoeg ondoordringbare bal. De stekels kruisen elkaar dan in alle richtingen, waardoor zijn kwetsbare kop en buik perfect beschermd zijn.
Nachtbrakers
Egels zijn rasechte nachtdieren. Overdag slapen ze diep verscholen in een nest van bladeren, takken of onder een heg. Pas als de schemering invalt, worden ze actief. Het zijn daarnaast solitaire dieren: ze leven alleen en delen hun territorium liever niet met soortgenoten, behalve in de paartijd.
Wat eet een egel?
Hoewel ze biologisch gezien onder de insecteneters vallen, zijn egels eigenlijk alleseters (opportunisten). Ze gaan op de tast en op hun uitstekende reukvermogen af om hun maaltijd bij elkaar te scharrelen. Hun dieet bestaat uit:
- Kevers, rupsen en pierwormen
- Slakken (al zijn ze hier minder dol op dan mensen denken, omdat slakken parasieten kunnen overdragen)
- Spinnen en pissebedden
- Soms een eitje van een grondbroedende vogel of aas Mythe: Geef egels nooit koemelk. Ze zijn lactose-intolerant en krijgen hier ernstige diarree van, wat dodelijk kan zijn. Schoon water en eventueel wat hard kattenvoer zijn daarentegen wél een feestmaal voor ze.
Winterslaap
Om de koude en voedselarme winter door te komen, houden egels een winterslaap, meestal van november tot april. Ze bouwen hiervoor een extra stevig, waterdicht winternest . Tijdens deze slaap gaat hun lichaam in een extreme spaarstand:
- Hun lichaamstemperatuur daalt van circa 35°C naar slechts 1°C tot 5°C.
- Hun hartslag vertraagt van 190 naar amper 20 slagen per minuut.
- De ademhaling daalt soms naar één keer per paar minuten.
Voortplanting
Rond mei/juni ontwaken de egels definitief en begint de paartijd, wat gepaard kan gaan met veel luidruchtig gesnuif en geblaas (de ‘egel carrousel’). Na een draagtijd van ongeveer 30 tot 35 dagen worden er gemiddeld 4 tot 6 jongen geboren. Slechts één pup of zelfs negen pups is mogelijk. De pups worden blind en doof geboren, maar mét een aantal zachte, witte stekeltjes die netjes onder een gezwollen huidje zitten om de moeder tijdens de bevalling te beschermen. Na een paar weken verkennen ze al zelfstandig de wereld. Soms gaat het dan mis. Ze raken de weg naar het nest kwijt of de moeder komt niet terug naar het nest door bijvoorbeeld een aanrijding. Dan is de kans groot dat je een jong egeltje overdag verzwakt op straat ziet dolen.
Help gewonde en/of verzwakte egels
Niet afwachten maar kom in actie! Stop het beestje in een doos en breng het dier naar de egelopvang in Roosendaal (Lees ook “Egel gevonden, wat nu?”) op de website van de Stichting Egelopvang Roosendaal (www.egelopvangroosendaal.nl). Of bel van Ma t/m Za van 10.00 -16.00 uur met de egeltelefoon (06-30.54.2431. Met veel kennis en liefde doen zij hun uiterste best om de egels er weer bovenop te helpen door verzorging, vaccinatie en eventuele wondbehandeling. Na herstel wordt de egel (bij voorkeur door de vinder) weer veilig teruggezet waar deze eerder is gevonden.
Tips voor een egelvriendelijke tuin
- Doorgang verlenen. Egels leggen per nacht soms wel een paar kilometer af op zoek naar voedsel en een partner. Een dichte schutting blokkeert hun route. Zorg dus voor een egelsnelweg! Maak een kleine opening onder in je schutting of poort van zo’n 13 bij 13 centimeter. Dit is groot genoeg voor een egel, maar te klein voor de meeste huisdieren. Als de buren dit ook doen, ontstaat er een veilige, egelvriendelijke route door de buurt!
- Ietwat rommelige tuin. Een strakke, betegelde tuin is voor een egel een woestijn waar niets te halen valt. Egels houden van een beetje ‘rommel’. ● Ruige hoekjes: Laat in een hoek van de tuin bladeren, takken en snoeiafval liggen. Dit is de ideale plek voor egels om overdag te schuilen of een nest te bouwen.
- Insectenmagneet: Zo’n rommelhoekje trekt bovendien massa’s kevers, pissebedden en rupsen aan. Dat is direct een lopend buffet voor de egel.
- Minder tegels, meer groen: Vervang tegels door gras, bodembedekkers en inheemse planten. Wat extra veilig eten en drinken. Vooral in droge zomers of vlak voor en na de winterslaap kunnen egels wel wat extra’s gebruiken. Met veilig eten en drinken help je de egel enorm.
- Water: Zet een ondiepe schaal met vers water neer (geen melk!). Leg er eventueel een paar steentjes in zodat ook insecten er weer uit kunnen klimmen.
- Voer: Je kunt ze bijvoeren met droog of nat kattenvoer (bij voorkeur met vleessmaak, zoals rund of kip) of speciaal egelvoer.
- Voederhuisje: Om te voorkomen dat de buurtkatten er met het eten vandoor gaan, kun je een simpel voederhuisje maken met een doolhof-ingang waar katten niet doorheen kunnen met hun poten. Gevaarlijke egelsituaties en handelingen. Een tuin kan helaas ook vol gevaren liggen. Met deze voorzorgsmaatregelen voorkomend je ongelukken:
- De vijver: Egels kunnen zwemmen, maar als de rand van je vijver te steil of glad is, verdrinken ze door uitputting. Zorg voor een schuine oever of leg een loopplankje met wat gaas eromheen in het water zodat ze eruit kunnen klimmen.
- Netten: Gebruik je netten over de moestuin of fruitstruiken? Zorg dat ze minstens 30 cm boven de grond hangen, anders raken egels erin verstrikt.
- Snoeien en maaien: Controleer altijd eerst die grote bult bladeren of die dichte struik voordat je er de rekhark, bosmaaier of de schop in zet. Er kan zomaar een egel liggen te slapen.
- Geen gif: Gebruik absoluut geen slakkengif of andere chemische bestrijdingsmiddelen. Als een egel een vergiftigde slak eet, wordt hij zelf ook doodziek.
- Tot slot, plaats een egelhuis! Wil je ze echt de ultieme luxe bieden? Dan kun je een egelhuis kopen of er zelf een timmeren van hout. Zoek op internet waaraan een zelfgemaakt egelhuis moet voldoen. Want niet elke houtsoort en elk type huisje is geschikt. Zet het egelhuisje op een rustige, schaduwrijke en beschutte plek in de tuin (bijvoorbeeld onder een struik) met de opening uit de wind. Vul het losjes met wat droge bladeren of stro; de egel richt het daarna zelf wel gezellig in voor de dagrust of de winterslaap.











