Kapsalon van Bernice Koolen.
Kapsalon van Bernice Koolen. Foto: AB

Roel Koolen gaat nog oogsten en weer inzaaien

Algemeen

WOUWSE PLANTAGE - Voor deze editie van De Krant interviewden we melkveehouder Roel Koolen en zijn echtgenote Bernice. Daar is een goede reden voor. Veel mensen, die niet bekend zijn met het boerenleven, denken dat een agrarisch bedrijf een mannenzaak is. In veel gevallen is dat niet zo. De vrouw naast de agrarisch ondernemer pakt door het jaar heen allerlei taken op. 

Geldt dat ook voor Bernice, de partner van Roel? Bernice: “Jazeker. Dat was jaren geleden al zo en nu nog steeds. We bespreken elke dag wel zaken die in de melkveehouderij spelen en bij financiële beslissingen zit ik ook aan tafel en beslis mee. Ondanks dat ik ook zelf bedrijfsmatig actief ben (red.: een allround kapsalon) pak ik zelf ook aan als de nood aan de man is. Een goed voorbeeld is het ondersteunen van Roel als het afkalven even niet zo makkelijk loopt. Bij ons lopen zakelijk en privé soms wel door elkaar heen. Niet vreemd als je bedenkt dat wij samen vanuit onze woning met totaal verschillende bedrijfsactiviteiten actief zijn en ook voor onze kinderen moeten zorgen. Wat ons daarbij heel erg helpt is de steun van mijn schoonmoeder Ineke en moeder Elly. Beiden passen één dag in de week op onze kinderen waardoor wij ons kunnen focussen op het werk. Dat zijn we heel blij mee!”


Een melkveehouderij is een 24/7 bedrijf waar elke dag gewerkt moet worden. Heb je dan nog voldoende vrijheid en tijd voor andere zaken?
Bernice en Roel: “Het is eigenlijk best wel in balans. Natuurlijk moeten we rekening houden met de vaste tijdstippen waarop er moet worden gemolken. Maar we ervaren ook genoeg momenten waarop anderen met een kantoorbaan geen kant op kunnen en wij flexibel kunnen zijn. Een voorbeeld is een studiedag op de school van onze kinderen. Ik blok die in mijn agenda en heb die dag geen klanten. Roel is na het melken in de ochtend de rest van de ochtend en middag dan vrij. Hij kan het overige werk doorschuiven naar de volgende dag. Dan trekken we met de kinderen er lekker op uit. Vanzelfsprekend zijn we dan aan het eind van de middag weer thuis voor het avondmelken. Bernice: “Over het algemeen zitten we nooit stil maar het is wel te overzien”. Roel: “Het is best wel eens druk maar door de vaste structuur van het melkproces prima te overzien.”


Welke reacties krijgen jullie zoal uit jullie omgeving als je weer eens in De Krant hebt gestaan? Roel en Bernice (afwisselend): “Positieve en leuke reacties. Het verhaal over ons bedrijf wordt goed gelezen. Mensen vertellen ons ook dat ze bepaalde zaken niet wisten. Die weetjes vinden ze interessant. Ze vinden het ook leuk dat we positief in beeld zijn en dat ze een kijkje achter de schermen van een melkveebedrijf krijgen.” Bernice: “Als klanten bij mij in de zaak worden geknipt en Roel met de tractor voorbij zien rijden, vragen ze vaak wat hij dan aan het doen is. Er is dus best veel interesse in de gang van zaken op ons boerenbedrijf.”

De mais op het perceel bij voetbalvereniging Rimboe is al geoogst terwijl je enkele maanden geleden nog maïskorrels in de droge grond aan het uitgraven was. Hoe kan dat?
Roel:” De start van de maïsteelt was dit jaar inderdaad moeilijk. Ik had er lage verwachtingen van. Maar uiteindelijk ben ik best wel tevreden. Normaal oogsten we eind september-begin oktober. Nu zal alle mais eind september wel van het land zijn. Veel percelen zijn noodrijp (zoals wij dat noemen in jargon). Er waren veel zonuren en het was droog door de wind en vele warme dagen. Net rond de bloei van onze maïs heeft het geregend. Dat was goed voor de kolfzetting en daarna zorgde dat voor gevulde kolven. Ik heb de eigen maïs goed kunnen beregenen. Maar, niks kan op tegen een normaal regenseizoen met buien in het voorjaar en lekker malse zomerse buien. Als die er waren geweest dan was de opbrengst hoger geweest. Maar gezien de omstandigheden hoor je mij niet klagen.”

Hoe staat je grasland er nu voor? Roel: “Je zag mij net voor dit interview nog op de tractor bezig tijdens het bewerken van een perceel versleten grasland achter onze boerderij. In het voorjaar had ik in de planning om dit perceel door te zaaien met gras en klaver. Dat is een niet al te kostbare herstelwijze van de grasmat. Na de droge zomer heb ik besloten het helemaal opnieuw in te zaaien. Wat ik dan doe? Ik ga eerst zelf frezen, dan diep woelen en vervolgens cultiveren (= vlak trekken). Een loonwerker gaat dat perceel vervolgens voor mij met gras en klaver inzaaien (want het bezit van zo’n dure machine is niet rendabel voor mijn bedrijf). Andere percelen gras kleuren weer goed bij. Veel mensen denken dat het nu wel genoeg geregend heeft, maar dat is echt nog niet het geval. De droogte is nog lang niet uit de grond. Ik kan gelukkig wel nog één snede gras voor de winter oogsten. Maar daar gaan we de winter niet mee doorkomen. We gaan dus meer maïs voeren.”

Voer je ook oude aardappelen? Roel: De spotgoedkope aardappelen die over zijn uit de lange bewaring en weg moeten bij akkerbouwers zijn niet geschikt voor mijn melkkoeien. Dat zou wel kunnen in een mix met gras, maar vers gras is er nu juist niet in voldoende hoeveelheden. Bij ons bedrijf past het dus niet maar vleesveehouders zullen (denk ik) deze aardappels wel aan het rantsoen van hun vee toevoegen.

Tot slot. Waar gaat nu je aandacht naar uit? Roel: ”Ik ben nu nog bezig met het oogsten van maïs en het zaaien van groenbemester en gras. Luzerne, een voedergewas, heb ik al ingezaaid. De vele stiertjes die de afgelopen maanden zijn geboren zijn alweer op transport gegaan naar een kalvermesterij. Voor de rest is het gewoon het dagelijks werk: melken, voeren, stal schoonmaken en zorg voor de koeien...”



Afbeelding