Een 'beauty' van een pasgeboren kalfje.
Een 'beauty' van een pasgeboren kalfje. Foto: AB

Geboortegolf stiertjes op melkveehouderij

Algemeen

WOUWSE PLANTAGE - De maand juli 2025 is bij melkveehouder Roel Koolen uit Wouwse Plantage de geboortemaand geweest van flink wat loeiende heren en enkele dames. De al enkele maanden geleden voorspelde jaarpiek van geboortes is dus uitgekomen. Roel telde midden juli al 12 geboren kalveren met nog 19 bevallingen (afkalvingen) te gaan. Op het moment van het interview waren er hoofdzakelijk stiertjes geboren. 

Onze eerste vraag:
Krijgt elke koe een naam? Roel: ”Nee, alleen de dames. Alle dieren krijgen wel (wettelijk verplicht) een registratienummer. De dames krijgen ook een naam. Roel pakt zijn telefoon, scrollt naar een namenbestand en vervolgt zijn verhaal met het noemen van meerdere vrouwelijke koeiennamen zoals Ester 145, Reinhilde, Bontje, Dientje en Kitty. De stiertjes krijgen dus geen naam. Zij verlaten het bedrijf ongeveer 14 dagen na de geboorte en worden verder opgefokt tot ze respectievelijk zes of negen maanden oud zijn. Dat heeft alles te maken met de door consumenten gewenste kleur van het kalfsvlees op hun bord (rose of wit).”

Ester 145? Roel: “Onze beste koe ooit was Ester 18. Zij gaf goed melk, heeft vele jaren een goed leven gehad en is in goede conditie ook van het bedrijf vertrokken. Daar heb ik destijds best wel moeite mee gehad. Wij zijn namelijk zo’n 10 jaar geleden met haar naar een show in Zwolle geweest. Met Ester 18 hebben we ook een mooie lijn doorgefokt waar Ester 145 de laatste van is”. Als we door de kalverstal lopen staan of liggen de pasgeboren kalveren lekker in het stro. We fotograferen een 10 dagen oud Belgisch-blauw kalf. Grote donkere ogen staren de fotograaf aan. Een foto maken blijkt minder makkelijk dan gedacht. Het beestje beweegt voortdurend door alle aandacht in de normaal rustige stalruimte. Uiteindelijk lukt het toch!

Heb je een fokstier in de weide? Roel: ”Nee, alle koeien worden geïnsemineerd. Daar komt de dierenarts niet voor langs. Dat regel ik allemaal zelf. Wel worden de dieren na een aantal weken gescand om vast te stellen dat ze echt drachtig zijn. Als het met inseminatie niet lukt, wordt er nog wel een stier ingezet. Maar een stier standaard in de weide vinden wij te gevaarlijk voor ons en de kinderen.”

Hoe werk je toe naar de bevalling van een koe? Roel: “De dracht van een kalf duurt negen maanden. Je weet de bevallingsdatum niet precies want er is een spreiding van 2-3 weken mogelijk. Zes weken voor het afkalven gaan de drachtige koeien uit de kudde naar een stroruimte. Zo vormen ze een nieuw groepje want afzonderen van de kudde is normaal in deze periode. In de winter gaan ze twee weken voor de bevalling naar deze aparte stal; in de zomer, als het drukker is, kunnen ze nog wat langer in de weide blijven. Ik zie wanneer het bevallingsmoment eraan komt door afzondergedrag, snuffelen, vaker wisselen tussen liggen en opstaan (door de weeën) en een door melkproductie gezwollen uier. We geven de dames dan een sober/rustig rantsoen met veel hooi en mais en minder brokken.”

De geboorte, hoe gaat dat? Roel lacht en vertelt verder: “Negen van de tien geboortes verlopen probleemloos. Bij de tiende help ik de koe. Bijvoorbeeld als er sprake is van een stilgevallen geboorte of een geboorte met stuitligging (waarbij eerst de achterpoten en de kalfbillen zichtbaar zijn). Dat kan problemen opleveren door het happen van vruchtwater i.p.v. zuurstof. Normaal komen namelijk eerst de voorpoten en de kop van het kalf in beeld. Dan breekt de navelstreng en volgt het kalf op een vloeiende wijze en kort daarna ook de nageboorte. Meestal ben ik dus niet bij de geboortes.

Hoe gaat het verder na de geboorte? Roel: “Een moederkoe likt haar kalf na de geboorte schoon en droog. Er is dus direct een moeder-kind moment. Het kalf drinkt meestal binnen 30 minuten tot enkele uren op natuurlijke wijze de moedermelk (red.: biest, extra vette melk met veel moederlijke antistoffen). Gedurende drie dagen krijgt het kalf de biest van zijn eigen moeder. Ik meet altijd de biest op bepaalde kwaliteitswaardes. Is die te laag dan krijgt het kalf een hoogwaardige biest die ik in de vriezer bewaar. Het kalf wordt wel binnen 12 tot 24 uur gescheiden van de moeder. Dat is een hygiëne-maatregel. Na 14 dagen gaan de stiertjes op transport. Dat wordt binnenkort wettelijk pas mogelijk na 28 dagen. De vrouwelijke kalveren blijven binnen ons bedrijf.”

Hecht je je aan bepaalde melkkoeien? Roel: “Heel soms want sommige oudere koeien zijn in de kudde voor ons, als veehouders, heel makkelijk in de omgang. Vaak zijn het wat bazige types die goed voor zichzelf zorgen als het gaat om voer of een ligplaats. Maar echt gehecht zijn aan je koeien is toch een uitzondering. Het is echt anders dan de relatie die veel mensen hebben met hun hond of huiskat.”

Hoe staat je grasland en maïs ervoor? Terwijl Roel in de keuken van de boerderij zijn antwoord formuleert, regent het buiten zachtjes door. Roel: “We hebben twee snedes gras ingekuild. De derde snede leverde amper iets op door de droogte van de afgelopen tijd. Normaal hebben we nu al vier snedes kuilgras binnen. Die zijn bedoeld voor de melkkoeien vanwege hun hoge voedingswaarde. De snedes vijf en zes zijn normaal bestemd voor het jongvee. Die kunnen toe met een lagere kwaliteit gras. Ook het gras in de weide met de koeien is minimaal. Ik voer daarom nu al bij. Wel zie ik nu de kleur en groei er weer inkomen. Ook verschillende percelen maïs staan er nu redelijk tot best goed op. De groei van de maïsstengels en de kolven zit er goed in. Daar zijn we wel blij mee!”

Laatste vraag: 

Wat ga je na dit ochtend-interview vanmiddag doen? Roel: “Ik heb een klein veldje afgerasterd voor het jongvee. Die gaan vanmiddag voor het eerst naar de wei en verblijven daar dan dag en nacht. Dat zijn ze de afgelopen zes maanden niet gewend geweest. Dat is voor deze dieren een soort avontuur. Ze kennen geen regenbuien en directe zonneschijn. Het is de onwennige start van hun weideleven. De eerste dagen kruipen ze bij elkaar (m.n. als het regent). Maar over een paar weken zijn ze gewend en zie je ze lekker vrij en onafhankelijk van elkaar rondlopen”, aldus melkveehouder Roel Koolen.



.